Herschrijven of blijven schrijven?

Herschrijven of blijven schrijven?

Herschrijven of blijven schrijven?

Wanneer is mijn boek goed genoeg om het aan iemand op te sturen en te laten lezen? Het voelt als de essays en scripties die ik moest schrijven tijdens mijn opleiding. Op een gegeven moment was het zover: je moest het inleveren. Eeuwig bleef je het doorlezen en perfectioneren. Je liet het misschien lezen door een vriend of vriendin die kon helpen met je spelling- en grammaticafouten.

Altijd kan het beter. Wanneer beslis je dat je jezelf ‘bloot geeft’ en je manuscript opstuurt? Al is het maar aan een vriendin die het doorleest om je te helpen. Toch voelt dat alsof je een drie terug kan krijgen en je je dan gekwetst voelt. Sommige mensen schrijven essays misschien in een dag. Ik stak er altijd veel tijd en energie in. Ik ging vaak voor de zeven of acht. Dan was het altijd een spannend moment als je de mail verstuurde naar je docent. Of het op papier inleverde. Stel dat er nog een fout in zat? Wat dan?

Natuurlijk ging het verder dan slechts een typefout. Het ging voornamelijk om de inhoud. Toch voelt het bij een boek ook zo. Ik heb wel eens gelezen dat sommige schrijvers jaren bezig zijn met het herschrijven van een boek. Nu ben ik meer het type dat gewoon gaat schrijven, of het nu kwalitatief wel of niet goed is. Het gaat er in het begin bij mij om dat ik mijn – daar komt het – creativiteit kwijt kan. Voor even gaat het dan om kwantiteit. Later kan ik altijd schaven.

In de loop der jaren werden mijn boeken wat ingewikkelder. Zoals nu, een literaire thriller. Dat is toch een ander verhaal (haha, woordgrap) dan een roman. Details moeten kloppen, je moet altijd zorgen dat de lezer antwoord krijgt op de vragen die opkomen in het begin van het boek. Dus merk ik dat mijn boeken sinds kort grondiger herschrijf.

Toch zit je tijden in spanning als je je manuscript eenmaal hebt opgestuurd, zoals ik bijvoorbeeld had bij een vriendin in december. Continue je mail controleren. Net alsof je verliefd bent en je ieder moment hoopt op een appje van de man die je leuk vindt. Als je dan eenmaal een mail binnenkrijgt, dan slaat de opwinding toch over in spanning. Hoe erg is ze losgegaan met de rode pen?

Uiteindelijk wil je toch dat het jouw boek blijft. Dat je niet hele scènes of misschien wel hoofdstukken gaat aanpassen door de mening van een vriend of vriendin. Het is jouw creatie. Ergens gold dat ook voor een essay. Daar maakte je aanpassingen omwille van je cijfer, als je de kans kreeg. Nu ben ik meer van mening: als iemand het niet goed vind, ga ik wel naar iemand anders die er minder opmerkingen over heeft zodat mijn boek mijn boek blijft. Authenticiteit.

Vroeger was ik meer van het aanpassen. Aanpassen van mezelf aan een ander. Dat was wat er van mij wat verwacht, had ik het idee. Om te passen in het (school)systeem. Tegenwoordig wacht ik op het juiste moment of op de juiste persoon. Sinds ik weet dat de verhoudingen altijd dertig procent zijn: 30% vind je leuk, 30% vind je niet leuk en de andere 30% staat neutraal tegenover jou. Deze driedeling geldt in meer gevallen. Je hoeft niet altijd concessies te doen. Soms is het wachten op de juiste persoon die onder de eerste dertig procent valt.

Ik heb geleerd dat jezelf blijven belangrijk is. En het is een kwestie van gevoel. Dan komen vanzelf de juiste mensen op je pad die waarderen en begrijpen wat je bedoeld. In plaats van vinden dat jij honderdtachtig graden moet draaien om te leveren wat zij willen zien. Dat is niet meer wat ik kan.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.